Grenzen in het duister

Een vraag die ik me als schrijfster altijd stel: mag ik dit schrijven? Kan dit? Welk speelveld  heb ik? En wie bakent die grenzen af: ikzelf of doen anderen dat voor me? Als iets je overkomen is, mag je daar dan vrijelijk over schrijven, omdat het louterend kan zijn – voor jezelf, voor anderen? Ook als het betekent dat je iets prijsgeeft van iemand anders? Waar liggen grenzen?

Mijn jeugd was anders dan die van de meeste kinderen. Verreweg de meeste kinderen zullen nooit moeten toezien hoe een man voor hun ogen door een woedende, kolkende massa wordt opgeknoopt aan een boom. Zullen nooit weten hoe, jaren nadien, ik mijn ogen maar hoefde te sluiten en daar hing hij weer, boven mijn bewustzijn. Er zullen heel weinig kinderen zijn die weten hoe het is als de ouders van een klasgenoot, die voor de CIA blijken te werken, opeens ook nog voor de KGB blijken te werken en van de een op andere dag verdwijnen. Of hoe het is om, in roerige tijden, een vluchtkoffertje klaar te moeten hebben, voor het geval er politieke onrust naar buitenlanders komt. Hoe het is om vanuit de schoolbus een lijk te zien drijven in de kali naast je.

Dat zijn dan nog de benoembare dingen. Dat waar ik ooit over wil schrijven, maar zonder te vervallen in een ‘oude postkoloniale roman’. Maar ik wil nog liever schrijven over dat ene, dat als een kleverige massa dwars door mijn jeugd gaat, dat hardnekkig blijft plakken als residu.

Maar waar liggen de grenzen? we-are-not-feeling-free

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s