Grenzen in het duister

Een vraag die ik me als schrijfster altijd stel: mag ik dit schrijven? Kan dit? Welk speelveld  heb ik? En wie bakent die grenzen af: ikzelf of doen anderen dat voor me? Als iets je overkomen is, mag je daar dan vrijelijk over schrijven, omdat het louterend kan zijn – voor jezelf, voor anderen? Ook als het betekent dat je iets prijsgeeft van iemand anders? Waar liggen grenzen?

Mijn jeugd was anders dan die van de meeste kinderen. Verreweg de meeste kinderen zullen nooit moeten toezien hoe een man voor hun ogen door een woedende, kolkende massa wordt opgeknoopt aan een boom. Zullen nooit weten hoe, jaren nadien, ik mijn ogen maar hoefde te sluiten en daar hing hij weer, boven mijn bewustzijn. Er zullen heel weinig kinderen zijn die weten hoe het is als de ouders van een klasgenoot, die voor de CIA blijken te werken, opeens ook nog voor de KGB blijken te werken en van de een op andere dag verdwijnen. Of hoe het is om, in roerige tijden, een vluchtkoffertje klaar te moeten hebben, voor het geval er politieke onrust naar buitenlanders komt. Hoe het is om vanuit de schoolbus een lijk te zien drijven in de kali naast je.

Dat zijn dan nog de benoembare dingen. Dat waar ik ooit over wil schrijven, maar zonder te vervallen in een ‘oude postkoloniale roman’. Maar ik wil nog liever schrijven over dat ene, dat als een kleverige massa dwars door mijn jeugd gaat, dat hardnekkig blijft plakken als residu.

Maar waar liggen de grenzen? we-are-not-feeling-free

Verliefd

Ergens op de wereld lopen mensen die nu glimlachend naar het nieuws over Brussel luisteren. Die er stiekem van balen dat er niet nog veel meer doden zijn gevallen. Persoonlijk kan ik me niets bij zo’n gitzwarte, vergiftigde houding voorstellen. Ik kan me niets voorstellen bij de wens om (al dan niet in naam van je zogenaamde god), dood en verderf te zaaien.

Toen MH17 werd neergeschoten, en wij als verdoofd in Azië rondliepen, besloot ik 1 ding: verliefd te blijven op het leven, de wereld. Er was immens verdriet in ons gezin omdat er twee klasgenoten van mijn kinderen inzaten. En er was angst omdat we luttele uren daarvoor dezelfde route vlogen en het een kwestie van geluk was. Maanden eerder, toen ik moest boeken, was MH17 op die bewuste dag een optie, maar uiteindelijk koos ik een andere maatschappij. Geluk. Er groeide wel besef dat je zomaar, lukraak, slachtoffer kunt worden van een conflict waar je part noch deel aan hebt. Dat je vrolijk in een vliegtuig kunt zitten, op weg naar een bestemming en er nooit meer aankomt. Dat je in een metrostation kunt lopen, waar mensen met een gitzwart gemoed zich opblazen. Dat je naar een concert kunt gaan en neergeschoten kunt worden, of op een terras kunt zitten waar een zelfmoordterrorist zichzelf opblaast. Dat je op een vliegveld kunt staan, zoals de mensen in Brussel vanochtend, en dat het dan zomaar opeens over kan zijn.

En daarom besluit ik het nog maar een keer: verliefd te blijven, te worden, steeds opnieuw, op het leven en alles wat ze biedt en nog gaat brengen. Dat is niet altijd makkelijk als er weer iets gebeurt- maar de makkelijkste weg is vaak niet de mooiste.

 

heart-in-hands.jpg.653x0_q80_crop-smart