Beste AH, mag ik mijn oude boodschappen komen ruilen?

 

Schermafbeelding 2017-10-04 om 15.56.38

 

Beste AH,

Ik zag in de AH waar ik vanmiddag was, een ruilbiebje. U weet wel, zo’n kast waar je boeken in kunt leggen en een ander boek mee kunt nemen.

Best heel sympathiek, zult u gedacht hebben. Zo komen mensen de vestiging in en, ach, en passant, kopen ze nog een zakje snijbonen. Of een pak koekjes voor bij dat boek dat ze meenemen.

Er zaten – eerlijk is eerlijk – niet zoveel titels in. Wat recent werk en wat minder recent werk. Maar dat maakt niet uit, het gaat om het idee. Zoals dat ook met buurtbiebjes is – lekker gratis boeken meenemen en wel of niet terugbrengen. Minibiebjes, zo heten ze ook wel. Soms staan ze gewoon aan de straatkant. Een kastje met boeken erin en je kunt ze gewoon pakken of lenen.

Als schrijver heb ik altijd erg gemengde gevoelens over dit soort initiatieven.

Er verdwijnen steeds meer bibliotheken, dus ja, het is ook best een aardig gebaar van al die instanties (en nu ook u), om mensen toch aan hun boeken te laten komen. Op scholen hebben we nu ook al de BoS, de Bibliotheek  op School. Ook allemaal heel fijn. En wij schrijvers willen natuurlijk ook echt onze boeken, waar we hard aan werken, samen met de uitgever, illustrator, boekhandel, drukker – aan de man/vrouw/kinderen brengen. Maar niet gratis. Dus dit soort initiatieven zijn erg fijn voor de lezer, maar niet voor de schrijvers van die boeken. Die moeten het namelijk hebben van leengeld, net zoals u het moet hebben van de omzet op, zeg, snijboontjes.

En als die snijboontjes nou gewoon gratis afgehaald kunnen worden in, laten we zeggen een boekhandel, mist je er eerst iets anders voor teruglegt, je oude hamlappen die over de datum zijn bijvoorbeeld, hoe zou u dat dan vinden?

Misschien wel zo eerlijk, hoor, om naast het biebje, ook een schap voor oude of ongebruikte  boodschappen neer te zetten, die dan geruild mogen worden. Ik ga even in mijn voorraadkast kijken of ik ergens nog wat doperwtjes-in-glas uit 2006 of iets anders dat ik toch niet gebruik of al gebruikt heb, heb staan. Die kom ik dan graag ruilen in uw winkel voor iets dat recenter is.

Wel zo sympathiek.

 

Advertisements

Uit elkaar: wel of niet ontvrienden op sociale media?

 

 

i-do-check-his-facebook-every-day-50-50-anna-kendrick

Tja, daar zit je dan achter je laptop. Wel of niet nog op zijn of haar profiel kijken?! Net uit elkaar, of net dat besluit genomen dat je een time-out neemt om met afstand naar de relatie te kijken en eraan te werken of niet.  De ander wil wellicht in het echt niet meer met je verbonden zijn voor dit moment, maar virtueel eigenlijk wel. Wat doe je met die verbinding online? 

 

‘Je bent aan het opruimen, hoor ik,’ appte hij. ‘Kan ik er nog een laatste blik op werpen? En hopelijk bewaar je dat en dat!’

Ik moest even nadenken. Hoe wist hij dat ik opruimde? O, ja! Ik had op Facebook gepost dat ik het huis steeds meer inrichtte zoals de kinderen en ik dat fijn vinden. Dat ik in die eerste maanden niets anders durfde te zetten, alsof ik mijn adem inhield tot hij terug zou komen. Maar uiteindelijk moet je toch lucht happen, in dat proces, en begon ik dingen te veranderen en daarmee ook op te ruimen en weg te gooien. Dat had ik ook gedaan als hij gewoon hier woonde, dat opruimen. Tennisrackets die al tien jaar geen gravel meer hebben gezien, kunnen echt gewoon weg. Oude belastingpapieren uit 2000 ook. Hij had meer dan een jaar lang de kans gehad spullen op te halen. Omdat ik een boek schrijf over het proces, zet ik ook dingen op Facebook over het proces van uit elkaar gaan. Die posts zien mijn FB-vrienden. Zo had ik gepost over het opruimen en dat lazen mijn vrienden.

En hij is niet mijn virtuele vriend.

images (1)

Blijkbaar vertellen anderen hem wat ik online zet. Tja, Ik kan het er ook niet op zetten, het is mijn keuze dingen te delen met mijn vrienden en alles op sociale media is publiekelijk bezit. Dat is ook niet erg, omdat ik er toch een boek over schrijf. Ik weet heel goed wat ik wel tussen hem en mij houd en wat ik wel wil delen. Dat ik verdriet heb, boos ben, hoop heb, medelijden, vrolijk ben mag hij weten – dat vertel ik hem namelijk zelf in appjes of gesprekken. Over mijn dagelijkse beslommeringen als het opruimen van oude troep, ga ik hem niet informeren. Dat doen anderen blijkbaar wel voor me.  Zo zullen ze ook over hem praten achter hem om.

images

Fakebook

Ik had hem, na een paar weken en weloverwogen, dacht ik, geblokkeerd op al mijn sociale media. Niet omdat ik hem haatte, of niets meer met hem te maken wil hebben maar omdat ik mezelf moest beschermen. Het had alles met mij te maken en veel minder met hem. Het belemmerde me in het moving on. Het liet me hangen in het verleden en ik deed mezelf alleen maar pijn als ik keek wat hij nu weer online zette. Als je net uit elkaar bent in een time-out en in die fase nog hoopt op een gevecht voor je relatie, wil je niet zien dat de ander zijn status verandert in ‘uit elkaar’ en ‘geïnteresseerd in vrouwen (of mannen)’ voordat jij nog maar uit hebt kunnen ademen nadat hij de deur achter zich dicht trekt. Het duurde een poos voor ik het echt durfde. Eerst ontvolgde ik hem. Maar ik bleef toch kijken op zijn profiel. Toen ontvriendde ik hem en dat leidde tot paniek bij mij. Dit wilde ik niet! Ik stuurde hem haastig een vriendschapsverzoek met de uitleg dat dit niet mijn bedoeling was, en hij accepteerde gretig. Daarna bleken we toch andere ideeën over een time-out en ‘werken aan elkaar’ te hebben en zat ik met groot verdriet naar de o zo vrolijke foto’s die hij plaatste op Facebook te kijken. Dat hielp echt allemaal niet in het sterker worden en helen en in persoonlijke groei. Bovendien weten we allemaal dat Facebook vaak Fakebook is. We faken hoe goed we het hebben, hoe ge-wel-dig alles is. We zetten er foto’s op van die momenten dat op vakantie zijn, breed lachend, en niemand ziet de worsteling die achter die persoon schuil gaat. Daar doen we allemaal aan mee, want je kwetsbaar opstellen op sociale media is lastig en vraagt moed en is eigenlijk veel waardevoller. 

Ik blokkeerde hem op alle sociale media, toen ik merkte dat het me tegenhield in mijn eigen verwerking. Want soms keek ik toch op zijn profiel en dan deed het altijd pijn. Nee, zolang we geen ‘happy exes’ of ‘happy re-couple’ zijn, moeten we ook online niet bevriend zijn, bedacht ik. Niet op LinkedIn, Twitter, Facebook of Google+. En zo blokte ik hem overal, behalve op WhatsApp. Ik ken zelfs stellen die dat ook gedaan hebben.

Het deed een paar minuten pijn, dat blokkeren. En toen voelde ik rust erin. 

Vreemd genoeg zijn er altijd mensen die je toch willen vertellen wat de ander online doet. Ik noem het snitchen.  Ze is nu aan het opruimen, had iemand hem blijkbaar gemeld. Een nare gewoonte, vind ik zelf. Ik krijg het met regelmaat te horen.  ‘Hij is nu daar en daar.’ ‘Hij zit nu op die site!’  ‘Leuke vakantiefoto’s had hij van de kinderen!’ Nog voor mensen uitgesproken zijn, kap ik ze vriendelijk maar beslist af. Dan vertel ik dat ik het niet wil weten en dat ik hem geblokt heb voor mijn eigen bestwil en dat ik er geen behoefte aan heb om achter zijn rug om, te horen wat hij online zet. Ik hoef niet over hem te roddelen achter zijn rug en ik ga ervan uit dat hij daar ook geen behoefte aan heeft achter mijn rug. Ik vertel ze dat ik erop vertrouw dat, als hij wil dat ik echt iets wezenlijks weet, hij me dat persoonlijk zal vertellen. Niet via via en al helemaal niet via de fakeposts. Zo doe ik dat naar hem ook. We hebben soms maandenlang stilte en dan weer indringende gesprekken en we kijken samen waar dat ons brengt in dit proces – bij of zonder elkaar. Als mensen dan, ondanks mijn verzoeken het niet te doen, herhaaldelijk blijven vertellen wat hij allemaal online zet, ontvriend ik ze. Niet omdat ik hen niet mag, maar omdat het niet bijdraagt aan mijn helen.

Dus: wel of niet vrienden blijven online als je uit elkaar gaat? Als je op een goede manier uit elkaar bent gegaan en daar beiden achter staat, kan het heel prettig en praktisch zijn. Je blijft verbonden aan iemand waar je een lange tijd je leven mee deelde. Maar als je niet allebei hetzelfde denkt over de time-out of scheiding, kan het je ook tegenhouden om te helen en sterker te worden of er samen nog uit te komen. Je moet jezelf afvragen wat het doel is van het online verbonden blijven. Wil je hem of haar stalken en zien wat hij/zij nog allemaal doet zonder jou? Wil je weten of hij/zij date met anderen? Wil je de ander tonen dat jij wel happy bent met een nieuwe liefde en wat de ex allemaal wel niet misloopt? Wil je zien hoe ge-wel-dig het leven zonder jou wel niet is?! Of hoop je dat hij/zij door jouw ge-wel-dige (fake-)posts je weer helemaal fantastisch gaat vinden en terugkomt?

Ieder voor zich. Waar je vroeger nooit meer iets over een ex hoefde te vernemen, tenzij er een postduif invloog met de laatste roddels, kon je rustig helen. Tegenwoordig bieden sociale media je mogelijkheden genoeg om bovenop het leven van de ander te blijven zitten. Is het niet omdat je zelf nog om allerlei redenen bevriend bent gebleven, dan is het wel vanwege de snitcha6cb4153121ab82801f31618ee5dbf11--classy-lady-stay-classy

 

 

 

 

 

 

Het verending – een jaar later

556807_93da8ee9e1fd4596770076078bc348d8_large

I believe I can fly…

Ik herlas het blog dat ik een jaar geleden schreef, het was een brief aan mijn moeder op haar verjaardag, de eerste zonder haar. Over het verending . Het was mijn eerste blog over het uit elkaar gaan. Ik schreef er dit bij: “Er is een boek met de titel: Verdriet is het ding met veren. Dat klopt. Paniek ook, trouwens. Veren die om mij heen dwarrelen en me omhullen. En soms ook veren die zich uitvouwen tot krachtige arendsvleugels en dan wegvliegen en me kracht geven (…) Ik hoop dat ik je op je volgende verjaardag kan laten weten dat het veren-ding prachtige vleugels heeft, en boven me richting geeft aan alles.”

 

Ik herlas het en dacht aan hoe het nu, een jaar later is. Hoe ik terugkijk op die periode. In het blog staat dat we het in gezamenlijk overleg hadden besloten – dat was niet zo. Maar ik was in een verdoofde staat en dacht alleen maar: mee-veren, dan is het minder lastig. En wie weet, dacht ik, komt het dan wel goed, als ik meeveer.

En het mooie is: het komt goed. Alleen niet tussen ons. Het afgelopen jaar heeft voor een verwijdering gezorgd die ik niet voor mogelijk hield. Van wat ooit was, is er niets meer. Op geen enkel vlak is er nog een ‘wij’. Dat is verdrietig, nog steeds, maar soms zijn de dingen nu eenmaal zo. Verdriet wil niet zeggen dat ik nu nog terug zou willen naar wat was.

En ik voel: het komt uiteindelijk wel goed met mij. Ik heb meer voor mijn kiezen gedacht dan ik dacht te kunnen dragen, maar ook dat lukt. Ik schreef een behoorlijk aantal blogs erover op deze site. Nee, de douchedeuren zijn nog steeds niet vervangen en ja, ik sta er iedere dag vloekend mee in mijn handen. Er is soms te weinig energie voor dat soort dingen, want opnieuw leren vliegen, kost  je heel veel kracht. Soms vlieg ik weer even en dan val ik. En dan zijn de vleugels weer geknakt en moet ik weer rustig bijkomen.

Ik kan weer muziek luisteren – maar niet ieder nummer. Radio Oezbekistan hoeft in ieder geval niet meer aan. Ik hou het bij radio2. Nummers die lang genoeg geleden zijn om me niet steeds aan het vorige jaar te herinneren.

Ik ben steeds meer mezelf aan het worden.

Ik ben niet eenzaam, maar ik zou wel graag iemand naast me willen. Iemand met strength of character, integer, die naast me kan vliegen. Ik weet niet of er nog zo iemand zal zijn, maar ik kan blijven hopen. Ik heb datingsites geprobeerd en dan vloog de paniek me naar de keel. Dit wil ik niet. Dan maar niet. Niet zo. De liefde komt nog wel een keer. Ik moet eerst nog net wat beter leren vliegen, zodat ik ook weer weg kan vliegen van situaties die niet oké zijn op dat moment. En dan hoop ik dat ik samen op een dag door de lucht kan zweven.

Ik schrijf een boek over het proces van vallen en opstaan. Dat begon met deze blogs, en iemand uit het vak die daarop reageerde en me vroeg of ik er geen boek over wilde schrijven. Ik hoop dat het zomer 2018 uitkomt.

Schrijven is verwerken, dus ja, heilzaam. Maar schrijven is ook herleven, en oef, niet altijd makkelijk.

Aan het begin van dit proces, dacht ik: over een jaar ben ik gewoon weer helemaal happy, kan ik weer prachtig vliegen, heeft dat verending vleugels.

Dat bleek wat naief. Een jaar is niets. Tegelijkertijd is het wel een jaar, en neem ik aanloopjes om weer te leren vliegen. Steeds een beetje verder van de grond. De afgrond is eng. Stel dat ik te pletter sla…  Stel dat ik een pinguïn of struisvogel blijk, die niet kan vliegen…

Maar het zal me lukken! I believe I can fly. Absoluut. 

risk-633x482

 

‘Succes is een keuze!’ – schei toch uit!

Er verscheen een filmpje op mijn tijdlijn. Een vloggende coach die vertelde over hoe succes een keuze is, geven het nieuwe nemen en hoe je iedere dag weer 86.4000 seconden krijgt om het goed te doen.

Schei toch uit. Succes is keihard werken en soms een vleugje geluk. En hard werken is ook geen garantie op succes, maar je doet in ieder geval je best. Ik sprak laatst een coach die haar eigen NLP-opleiding had gevolgd bij een van de grotere ‘goeroe’s’ op dat gebied. Ze was ontgoocheld. ‘Hij bleek zelf privé een enorme puinhoop van zijn leven gemaakt te hebben en toen ik hem vroeg waarom hij dan daar ook niet met alles wat hij anderen leerde, aan de slag was gegaan, had hij geen antwoord. Hij geloofde er eigenlijk zelf niet zo in. Hij woonde in een piepklein hotelkamertje en had zijn huwelijk laten stranden. Hij viel van zijn voetstuk af. Alles wat hij ons leerde over investeren in zakelijke en privé relaties, over commitment, over werken aan iets en goede communicatie – het bleek niet meer dan opgedreunde lesjes met holle retoriek.’

Het zette me aan het denken. Ik ken ze ook, dat soort coaches. Vol geweldige oneliners. Clichés waarvan je in eerste instantie denkt: wow! Wat ontzettend waarachtig klinkt dit!’

Tot je er goed over nadenkt. Als schrijfster weet ik dat succes geen keuze is. Het is een enorme mix van factoren. Keihard werken (of soms gewoon een gelukstreffer omdat je een boek schrijft dat net goed valt), geluk hebben omdat de markt net rijp is voor dat boek, hopen dat het ergens, door een toonaangevend en invloedrijk medium wordt opgepikt en goed gerecenseerd. Hopen dat het een goede plek krijgt in de winkel. Liefst in de etalage.

Onder Mijn Huid was een van mijn meest succesvolle boeken in termen van recensies. Het was hard werken geweest, een heel persoonlijk boek over sexting. Het werd lovend ontvangen, maar helaas nu nooit eens op televisie besproken. In bijna iedere bespreking stond wel ‘een must-read voor iedere ouder, leerkracht en jongeren tussen 12-15 jaar.’

Helaas bleven de verkoopcijfers flink achter. Niets wat ik anders gedaan had, was daar van invloed op geweest.

‘Ja,’ zullen de hardliner coaches nu roepen. ‘Maar dat harde werken, DAT is een keuze.’

Ah! Dus je kunt ervoor kiezen om je kans op succes in iets – zakelijk of privé – te benutten of niet?! Dus als je leven geen echt daverend succes is, heb je dat eigenlijk niet gewild – zoiets. Dan is ‘onsucces’ ook een keuze – maar ik weet uit persoonlijke ervaring dat dat absoluut niet zo is. Soms overkomen je dingen waar je gewoon geen invloed op hebt.(Ja, ja, zucht, hoe je daar mee omgaat, dat is dan weer een keuze…).

Ik geloof er niet in. Als je een succes van iets wilt maken, moet je werken aan iets. Is je leven, je relatie, je carrière geen succes? Dan moet je aan de slag. Werken. Investeren. Commitment tonen. Zelfinzicht hebben – wat doe ik nog niet goed? Daar desnoods hulp bij vragen. En je moet hopen op wat geluk.

Succes is niet iets waar je recht op hebt. Evenmin als geluk. Dat zou makkelijk zijn. Aankloppen bij een instantie en zeggen: ik heb gekozen voor succes, maar waar blijft het nou? Ik heb er toch recht op?

Succes is niet bakken met geld verdienen. Succes is kijken naar wat je doet en er tevreden over zijn, omdat je weet dat je eraan werkt, je  jezelf succes-estee-laudergecommitteerd hebt ook als de omstandigheden even tegen zaten, je niet achterover bent gaan leunen om te kijken wat er nou mee zou gebeuren, het je niet aan laat leunen maar (pro)actief aan de slag gaat.

In dat opzicht bezien is Onder Mijn Huid een groot succes, en weet ik dat ik er alles aan gedaan heb om het te laten slagen.

 

 

 

 

 

Wat te doen als er naaktfoto circuleert?!

Afgelopen zondag sprong een 15 jarige jongen van een flat in Enschede en maakte een einde aan zijn leven. De reden? Een naaktfoto van hem op Instagram. In- en intriest. Als moeder van een slachtoffer van sexting en als schrijfster van boeken hierover, weet ik ook dat dit nooit een oplossing is. Maar hoe ga je als kind dan wel om met een naaktfoto die van jou verspreid is? Ouders en opvoeders, ga hier alsjeblieft over in gesprek met kinderen.

Wat te doen als een naaktfoto van jou verspreid is:
1. VERTEL het tegen je ouders. Ja, dat is lastig en moeilijk, maar je wilt niet dat je ouders zo’n foto onder ogen krijgen zonder dat jij dit zelf verteld hebt. Dus vertel het, je hebt hun hulp hierbij nodig voordat het in je hoofd een te groot probleem wordt.

2. Weet je wie de foto online heeft gezet of verspreid heeft? Vraag die persoon het eraf te halen en meldt DAT JE AANGIFTE ZULT DOEN.

3. Doe aangifte. Altijd. Hoe lastig ook. Niemand heeft het recht foto’s van jou te verspreiden zonder jouw toestemming. Dus ga samen met je ouders naar de politie en doe aangifte of maak er een melding van.

4. Er zijn allerlei instanties die je kunnen helpen en je – desgewenst – anoniem van advies kunnen voorzien. Een van die instanties is: http://www.helpwanted.nl  – bezoek de site en daar kun je anoniem je verhaal kwijt.

5. Zorg dat iemand op school het weet. Een leerkracht, je mentor, een zorgcoordinator. Ook zij zijn er om je te helpen en ondersteunen hierin. Je hoeft dit namelijk niet alleen te doen!

6. Heb je last van mensen die je online hiermee pesten? Ga een poos offline, zet je accounts achter slot en grendel. Zo zorg je ervoor dat je niet de hele tijd te maken krijgt met nare tweets of berichten.

7. Hoe naar de situatie ook is – hou een ding goed in gedachten: je bent niet de eerste en niet de laatste bij wie dit gebeurd is. En op een dag is het echt OUD NIEUWS en zijn er andere dingen waar mensen zich weer mee bezig gaan houden. En voor de volgende keer: gewoon kleding aanhouden op foto’s, zo loop je het minst risico.

 

Ga ook vooral in gesprek met kinderen over het niet verder verspreiden van zo’n foto! De daders – verspreiders – gaan te vaak makkelijk vrijuit. De nadruk ligt erg op het niet maken van zo’n foto (voorlichting voor het slachtoffer), maar kinderen moeten vooral ook gewezen worden op het niet verspreiden van zo’n foto (voorlichting aan potentiële verspreiders). Een foto is snel verspreid uit baldadigheid, macht, wraak, voor de lol – maar de effecten kunnen dramatisch zijn. In de voorlichting moet dan ook meer aandacht komen voor het niet verspreiden van deze foto’s – want sexting is helaas een fenomeen dat voorlopig nog niet weg zal gaan.

 

 

 

 

 

2017: het jaar van het helen

‘Weet je hoe ik jou zie? Als een soort ontdekkingsreiziger, een avonturierster,’ zegt vriendin. ‘Je draait alle stenen om, je onderzoekt, je wilt leren, je wilt begrijpen. Sommige dingen leg je rechts, andere dingen links. Soms verplaatst je ze. Ik zie je dat proces doorgaan en ik kan er alleen maar kijken, naast je lopen. Ik zie hoeveel pijn en verdriet het doet, en dat maakt nederig. Maar je doet het echt goed.’

Vriendin A is al sinds we elkaar leerden kennen in onze studententijd, de meest fijne persoon die ik ken om tegen te praten. En ik praat bijna iedere dag tegen haar. Ze oordeelt nooit. Ze beleert niet. Er zijn weinig mensen met haar gave. Ze heeft de gave om gewoon te luisteren, te duiden, zonder dat ze me naar de mond wil praten en ook zonder dat ze mij vertelt wat ik wel en niet moet doen, zonder me te vertellen hoe hij in elkaar zit en hoe ik daarop moet reageren. Ze is. Ze pretendeert niet iets te weten – heel veel mensen doen dat juist wel, leggen hun eigen perceptie over mijn situatie heen, maar zij niet. Ze zal nooit zeggen: ‘Je moet dit of dat…’ of ‘Dat zie je verkeerd, je moet…’.  Ze stelt de juiste vragen op de juiste momenten. ‘Was dit niet altijd zo? Weet je nog, dat gesprek ooit…’ en dan helpt ze me voorvallen voor de geest te halen, die ik had laten verstoffen in een hoekje. Omdat ze erbij was, vanaf het begin, weet ze zoveel en haar geheugen lijkt een enorme kast met laatjes waarin ze onze gesprekken heeft bewaard. Ze laat me eindeloos praten, razen, huilen, zelfs als ik in herhaling val. Ze laat me reflecteren, ze geeft ruimte om de dingen van alle kanten te bekijken – wat ik altijd doe. In die zin heeft ze gelijk: ik ben een ontdekkingsreiziger, een onderzoeker. En wat ze vooral doet door er zo te zijn: ze helpt me beetje bij beetje te helen.

Want dat is wat ik moet doen in 2017: helen. In mijn eigen tempo, op mijn manier. Niet weglopen van wat er is, vluchten in gedrag dat niet bij me past. Alle – ongetwijfeld goedbedoelde – adviezen ten spijt, zal en wil ik dit alleen op mijn eigen manier doen. Ook als dat betekent dat ik op en neer zwiep in emoties, woedend word, ventileer, pijn laat zien. Ook als het ongemakkelijk is voor de omgeving, omdat het te dichtbij komt. Ook als ze liever hun eigen visie op mij willen projecteren en vinden dat ik het anders moet doen, discreter, of juist een masker opzetten om maar te doen of het goed gaat. Alle adviezen over hoe ik het moet doen, ten spijt. I’ll do it my way. Nee, ik ga niet op Tinder of welke site ook. Dat zou geen recht doen aan mezelf. Zo wil ik niet aan aandacht komen en het doet ook geen recht aan de liefde die er was. Niet alleen aan de oude liefde, die heel diep gaat maar los en vrij wil zijn, en ook niet aan de nieuwe liefde die er – een poos –  was –  verkeerde moment, verkeerde omstandigheden, nu nog niet ons pad, het heeft tijd nodig. Dubbel verdriet.

Helen. De wonden dicht laten groeien. Ik ben er zo aan toe. Ik ga eens nadenken over hoe ik dat avontuur aanga.

tumblr_nwo6gze7f71rrjjxto1_500

Nagels over de muur.

Het verending afl.8

Nee, het was geen verrassing. Het zat eraan te komen. En dan nog kan iets je overrompelen. Omdat je ratio zegt: wacht even. We gaan er toch zeker na 27 jaar wel voor vechten?! Je verlaat ons toch niet zomaar, zonder slag of stoot?! We gaan toch verdomme wel dat gevecht voeren?! Ooit was het er toch? Waar is het dan heen?

Maar soms is ratio niet genoeg. Hart zei zacht: je voelde je soms eenzaam, ook al was je met zijn tweeën. Je voelde je niet altijd gezien, gehoord, gevoeld. En dan dacht je: is dit het dan? Wil ik geen andere dingen in een liefdesrelatie?

Ratio zei: zo gaan die dingen na al die tijd. Dan gaat het op en neer in een cadans, en uiteindelijk word je samen oud. Het idee van een romantische relatie bestaat niet. Dat is verzonnen, door schrijvers als jijzelf. Door filmmakers en mensen die Sex and the City hebben bedacht.

Hart zei: maar het kan wel! Ooit was het er wel. En ik weet dat het wel bestaat! Een liefde die ontroerd raakt als ik vertel over mijn verhalen. Het gevoel dat je ziel thuiskomt. Een liefde die  gelooft in trouwen op een strand en huwelijksaanzoeken en hand in hand zwijgend met een glas wijn zitten in een strandtent en dan weer uren pratend met elkaar tot het opeens weer ochtend is.Die mijmert over onze toekomst. Die meedenkt over mijn verhalen. Verdrinken in elkaars blik. Het kan, ik voel het, het moet bestaan!

Ratio zei: Onzin! Het is gewoon zijn midlifecrisis. Ellende – ben je dat vergeten? Zit het maar uit. Je hebt hem de helft van je leven al gegeven, hem altijd gesteund, gezorgd. Denk aan het huis! Geld! Kinderen! Denk aan wat je samen hebt. Aan wat anderen ervan vinden. En daarom vecht je ervoor! Het is makkelijk om op te geven- vechten is lastiger. En je bent geen opgever, jij bent een doorzetter.

Hart zei: ik denk juist aan geluk. Aan verbinding. Aan samen. Aan mezelf beschermen van zijn crisis. Aan hoe hij zich afwendt van  de onvoorwaardelijkheid. En natuurlijk ook aan de kinderen. Juist aan de kinderen, die ook mogen leren dat liefde nooit een dood paard mag zijn waaraan getrokken moet worden. Zelfs geen stervend paard dat met kunstgrepen overeind gehouden moet worden.

Nou ja, het was een maandenlang gevecht. Hart, ratio, hart. Een gevecht in mijzelf. En in hem.  Natuurlijk zei Hart ook: maar ik hou ook nog van hem, want hij is de vader. Ooit was het wel goed, was hij Mr. Right. En ratio zei: dus vecht je ervoor! Maar ooit is wel geweest. Ooit is niet meer.

En Hart zei weer: Ik ga dingen missen! Samen in de auto op weg naar vakantie, mijn hand in zijn nek. Zijn blik als ik concertkaartjes had gekocht en we daar genietend stonden. Hoe hij zomaar oesters en een fles bubbels mee kon nemen voor me. Ratio zei: ja, maar er zijn ook genoeg dingen die je niet gaat missen! En Ratio benoemde meer en Hart luisterde en pareerde met herinneringen die wel mooi waren en Ratio haalde weer de dingen op die niet fraai waren en eigenlijk vergeten diende te worden. Ratio zei: hij breekt je. Hart zei: maar ik heelde ook weer.

Ik zat tegenover hem en luisterde. Hoe hij van de komma een punt maakte. En opeens wist ik dat er geen ratio meer inzat. Dat ik hondsmoe was, van maandenlang zwiepend in het rond, tussen het ene uiterste en het andere, omdat ik vond dat het zo hoorde en omdat mijn hart soms zei: voor de gedeelde geschiedenis, omdat het toch niet op kan zijn? Voor wie hij was, voor wie ik was en voor de kinderen.  En ik zag mezelf, al mijn verdriet, de onbeantwoorde berichten, de onbereikbaarheid van de ander omdat hij andere behoeftes had. Het voelde alsof ik in een lege ruimte had gestaan zonder ramen en deuren en eindeloos met mijn nagels over de muren had gekrast in de hoop dat er geluisterd werd, dat hij mijn ratio hoorde en mijn hart weer zou laten spreken. Want diep daarin wist ik dat de liefde ook veranderd was. Niet meer wat ze was, vervormd in die 27 jaar. Niet genoeg meer. En ze zou vast wel weer opgestookt kunnen worden – maar voor hoelang? En dan zou het gevecht zich herhalen en dat wilde ik niet.  Ik had gegild, gehuild, gewanhoopt. Ik keek naar de krassen op mijn ziel. En ik wist: ik moet helen. Het gevecht, waartoe ratio en hart me aanzette, laten rusten voor nu. Dat doet niet minder pijn dan voorheen, en is ook niet minder verdrietig, maar dat hoort erbij. Wie luistert naar zijn hart, doet zijn ratio misschien pijn.  Alleen hoop ik dat Hart en Ratio weer een beetje in balans komen. En dat de punt een zachte blijkt, een cirkel waarin we elkaar als ouders en vrienden weer vinden, waarin we op een andere manier, met compassie en warmte, weer verbinden. Dat, zegt Ratio, is voor nu het hoogst haalbare.

En Hart fluistert: het komt goed, ergens is jouw Mr. Big en jij bent zijn Carrie. Hij komt op je pad als de tijd daar is. Er bestaat echte liefde. 576c0c0518b94806cd758b24d02dd0c4

Het Verending afl 9 – ‘Doe niet zo zielig!’

Waarschuwing: dit blog bevat verdriet, gevloek en Kazachstaanse volksliedjes

 

De ene dag gaat beter dan de andere. Ik herken dit uit de column van Suzanne Rethans in het tijdschrift JAN en uit de columns van collega Anna van Praag. Dat je de ene dag strijdlustig bent en denk; f*ck it all, move on, somewhere out there is happiness! En dat je de andere dag wakker wordt en uren naar het plafond kan staren en niet meer op wilt staan en in het matras wilt verdwijnen. Het is een patroon aan het worden. Alleen is het wat grillig, dat patroon en laat zich moeilijk voorspellen wanneer ik: f*ck it! denk en wanneer ik: hou me vast… denk.

We zitten in het theater, een zondagochtend concert. Mijn jongste zit naast me. Want er moet een dossier ingeleverd worden voor CKV en dit is een prima activiteit daarvoor. Bovendien denk ik dat er wel iets van Einaudi gespeeld zal worden, en dat vindt hij leuk. Maar ik voel het verending in mijn lijf. Onbestendig. Zoals ik vanochtend ook al naar het plafond staarde en wist dat ik eruit moest. Niemand om de veren weg te blazen.

‘Deze zangeres,’ zegt Cor Bakker, wijzend op Fay Claassen, ‘brengt bij mij emotionele incontinentie teweeg. Als ik haar hoor zingen, moet ik huilen en blijft het stromen, soms wel twintig minuten lang.’

Shit. Juist muziek heeft altijd een sterke uitwerking op me. Er is geen radiozender waar ik me nog veilig bij voel, of het nu Q-music is, Jazz FM, of radio2. Alle liedjes uit de top 50 van de afgelopen maanden, zelfs de catchy dancetunes, brengen herinneringen boven en laten me huilen. Laat staan van emotionele nummers. Zo wil ik ook helemaal niet zijn, dit was nooit de ambitie, maar het is er. Ik kijk om me heen. Zoon zit wat verveeld te kijken. Ik dwing mezelf aan andere dingen te denken omdat ik niet in navolging van Cor Bakker twintig minuten wil huilen hier. Aan hoe ik nog steeds geen loodgieter heb voor het dak. Aan de lezing die in overmorgen ga geven en nog wat beter in elkaar moet zetten. En zo kom ik het concert door. Steeds als ik denk: o, o… dan let ik op de schoenen van Cor (in hoeveel kleuren maken ze die, hoe heet deze specifieke tint blauw) of op de belichting van het theater of op mijn zoon, die soms wat wegdut bij de muziek en waar ik dan om moet lachen. Verdorie, is het nou halloween? En ik heb nog geen snoep om uit te delen – zou ik wegkomen met kattenbrokjes? Ik denk aan de GP vanavond op tv. Afleiding… Ik kom het concert zonder kleerscheuren door. En ook de nazit. En daarna, als ik even alleen thuis ben, kom ik zelfs dat droog door, terwijl ik verwoed avocado’s pureer voor guacamole. Het verending fladdert rond in mijn lijf. Dan naar het terras met dierbare mensen en dat gaat ook super. Lachen, gezelligheid, gesprekken. Gevaar geweken. Denk ik. Ik stap in de auto naar huis. Pfieuw. Weer een dag goed doorgekomen, zo goed als. Opgelucht zet ik de radio aan. Ze draaien ze een heerlijk dansnummer, dat ik de afgelopen weken zo vaak meezong. Dat iets betekent. En dan komen ze toch. Twintig minuten lang.

O, en die waarschuwing hierboven? Sommige mensen vinden wellicht dat het wat zielig is, al dit verdriet. Dat zei laatst iemand. ‘Doe toch niet zo zielig,’. Sorry, dit ben ik nu eenmaal, ik ben niet alleen vrolijk en happy-go-lucky, maar ook dit – dit maakt mij een completer mens. En je hoeft het niet te lezen als het je oncomfortabel maakt, of als het te dichtbij komt. Als je alleen de ‘wat zijn we allemaal gelukkig!’-berichten wilt lezen, sla je het verending systematisch over. Vandaar de waarschuwing: bevat vloeken en verdriet. Take it or leave it be. 

Ik ga in ieder geval op zoek naar een Kazachstaanse muziekzender, met louter volksliedjes. Zoals deze: kazahk song

 

En die k*tschroeven passen ook al niet…

Het Verending afl 7

Ik kon erop wachten maar het vreemde was, dat ik het van tevoren niet bedacht had. Het zwarte gat na De Reis. Want in alle tumult hield ik mezelf steeds voor: ik ga nog lekker weg, naar Azië. Dat stond als een soort parabool over alles heen. En ook al was Azië soms eenzaam, het was ook een heerlijke plek om weer te mogen zijn. Om mezelf te mogen zijn. En ja, ik huilde soms, even. Omdat het niet altijd lineair omhoog goed gaat, omdat ik mensen mistte. Omdat. Gewoon omdat ik het afgelopen jaar zoveel gehuild heb en mijn tranen weinig nodig hebben om hun weg weer langs mijn mascara naar beneden te vinden.

En toen was ik opeens terug. Geen parabool meer. Wel een gestripte trap die nog megaveel werk vereist. Bergen wasgoed. En bovenal: de mensen die ik gemist had.

En nu?! Ik heb haakjes nodig in de toekomst. Dat was altijd al zo.  Weten dat – ook al is het soms twee passen vooruit, een pas achteruit – ik na een poos wel terug kan kijken en denken: wow, dat pad heb ik al afgelegd en kijk mij hier nu staan, gelukkig en al. Gegroeid als mens. Het leven ten volle aan het benutten. Mijn verjaardag, over twee weken, torent als een soort obstakel voor me. De feestdagen. Ugh. Hoe?! Terwijl ik naar een school reed gisteren, bedacht ik me opeens dat ik mijn verjaardag het liefst gewoon in Parijs zou vieren, onder de Eiffeltoren staan of aan de oever van de Seine met een fles wijn. Vorig jaar had ik in Rome willen staan op mijn verjaardag, pizza eten op de trappen op een pleintje, maar dat ging niet door vanwege de dood van mijn moeder. En misschien moet ik niet vluchten en het maar laten gebeuren. In de auto stappen kan altijd nog.  Parijs is niet zo ver weg.

Maar ik dobber nu nog vooral erg hard rond op een zee in een storm die ik zelf niet in de hand heb. Een vriendin zei me een poos geleden: het is als zeilen op een woeste zee. Soms doodeng, soms windstil, en je laat een haven achter je die op zich oké was, maar waarop je wel was uitgekeken. Een plek om met warmte aan terug te denken, maar geen plek o te blijven.  Dus hou je blik op de haven waar je aan wilt komen, ook al denk je soms dat je beter om kunt draaien en terugkeren, omdat de golven zo hevig zijn. En dan weet je dat je in die oude haven ligt en spijt hebt dat je niet doorging, omdat je toch de overkant wilt bereiken en dwars door de storm heen moet. Doorgaan, want de nieuwe haven is mooi, een goede plek om aan te leggen.

Dus dobber ik, zwenk ik, probeer te zien waar oost, west is. Soms kijk ik achter me en constateer tevreden dat ik al een heel eind heb afgelegd. Dat ik ervoor gekozen heb mezelf een ander pad in te laten gaan. Follow the sun. Follow my heart. Zoals het liedje gaat. En dat de eindhaven dus steeds wat dichterbij komt, ook als een hoge golf me even terugwerpt en ik alleen maar bezig ben de boot weer recht te trekken en het water eruit te scheppen.

En toch. Als die k*schroeven niet passen op de nieuwe wc-bril die ik vanochtend probeerde te installeren, komen de tranen weer. Onmacht. Haakjes. Ik heb haakjes in de toekomst nodig. En langere schroeven…

Doorvaren. Ik moet doorvaren. En naar een bouwmarkt om schroeven te gaan kopen. Dat ook.